Poste Restante

Icon

Kleine moeite, groot plezier

Helemaal hyper

Uit het nucleaire onderzoek bleken geen bijzonderheden te zijn gekomen. De afdeling cardiologie was uitgedokterd, zo vertelde de zaalarts mij gistermiddag. Zij hadden niets kunnen vinden wat mijn klachten (benauwdheid, pijn links van de borst en in de arm en schouders) zou kunnen veroorzaken. Dus ik mocht naar huis.

Ik zat er wat verloren bij voor iemand die net te horen had gekregen dat hij naar huis mocht. De gedachte aan doorwaakte nachten met pijn en benauwdheid maakte me angstig. De arts zei dat hij nog wel even met de internist zou bellen. De uitslag van dat gesprek was duidelijk: ernstige hyperventilatie. Remedie? Rustig ademen, zakjeblazen.

En nu ben ik thuis, met gemengde gevoelens. Natuurlijk ben ik blij dat het niets met mijn hart is. Maar toch knaagt het aan me. Toen ik afgelopen week werd opgenomen zei mijn moeder dat het misschien wel hyperventilatie konzijn. En als je er over leest, dan is dat ook niet verwonderlijk. Ik vraag me dan toch af waarom ik voor deze diagnose een week in het ziekenhuis moest liggen. Ik moet me er in ieder geval maar bij neer leggen. Hier zit ik dan, met mijn pillen in hand één en mijn zakje in hand twee. Wachtend op betere tijden.

Groundhog Days

Oplettende volgers van mijn Twitter-account hebben het al door. Ik lig weer in het ziekenhuis. Al bijna een week. Vorige week maandag werd ik vrij abrupt ontslagen van de afdeling Interne Geneeskunde, in de nacht van woensdag op donderdag kwamen dezelfde klachten keihard terug. Donderdag kon ik aan het eind van de middag terecht bij de huisarts. Hij liet me voor de zekerheid bloed prikken. Bij het laboratorium in Overvecht (voor mij aan de andere kant van de stad) dat tot 19.00 uur open was bleken geen analisten meer aanwezig. Ik werd verwezen naar het ziekenhuis, weer aan een andere kant van de stad. Het ziekenhuis mag van de verzekering niks doen zonder verwijzing van de huisarts, en zo belandde ik bij de huisartsenpost. Daar vertrouwde de huisarts het niet, en verwees me opnieuw door naar het ziekenhuis. Gelukkig zijn de huisartsenpost en het ziekenhuis bij elkaar om de hoek.

En zo was ik met ingang van donderdagavond 20.00 uur weer opgenomen op de afdeling Hartbewaking/Cardiologie van het Diakonessenhuis. De afgelopen dagen zijn er veel onderzoeken geweest, maar uiteindelijk is mijn verblijf tot nu toe een combinatie van Wachten op Godot en Groundhog Day. Ik wacht op een diagnose en een remedie, de doktoren zeggen dat ze waarschijnlijk morgen meer weten. Daarnaast lijkt elke dag op de volgende en de vorige.

Een typische dag op kamer 201, bed 1 van het Diakonessenhuis:

06.30 uur: Gewekt, pillen en controles (bloeddruk, temperatuur)
07.15 uur: Ontbijt: zoutarm brood met zoutarme kaas, zoutarm vlees en een kopje thee.
07.45 uur: De vraag van de dag: wat eten we vandaag?
08.30 uur: Wassen. Hier is wel een verandering geweest. Sinds ik zonder hartapparatuur en infuusnaaldje ben mag ik douchen en kan ik fatsoenlijk scheren. Huzzah!
09.30 uur: Visite van de zaalarts. Zie Wachten op Godot.
10.00 uur: Koffie
10.15 uur: Overbuurman (al weken in het ziekenhuis) krijgt het te kwaad. Hij is het zat. Buurman schuin aan de overkant vertelt maar weer eens over zijn prijs in de Staatsloterij en dat hij tien jaar geleden een appartement heeft gekocht.
11.15 uur: Lunch: zie ontbijt, maar dan met een glas melk.
Middag: eventuele onderzoeken, waarbij iedere arts of verpleegkundige een opmerking maakt over hoe jong ik wel niet ben om hiermee in het ziekenhuis te liggen. Ik weet het.
16.00 uur: Start 1e bezoekuur. Iedereen werkt dan nog, dus meestal is het stil.
17.00 uur: Warm eten. Geregenereerd.
19.00 uur: Start 2e bezoekuur. Maximaal 2 personen per patiënt, dus snel vol. Wij smokkelen meestal met 3.
20.00 uur: Thee. Buurvrouw naast me vertelt maar weer eens dat zij alleen ‘s middags bezoek krijgt omdat oude mensen ‘s avonds niet rijden.
21.30 uur: Laatste controles.
Zo rond 22.30 uur slapen mijn kamergenoten (allemaal ouder dan mijn ouders en afkomstig uit de driehoek Driebergen-Zeist-Bunnik, dus de anekdotes zijn niet van de lucht. Wist u dat Bunnik een nieuwe Albert Heijn heeft?) en kijk ik nog wat TV.

Deze agendapunten worden afgewisseld met frequent gebruik van de iPod (Shooting Stars, Fast Show, Family Guy, een stapel documentaires en muziek), mobiel internet (clandestien, mobiele telefonie mag eigenlijk niet op deze afdeling), internet in de patiëntenhuiskamer (IE6, en bij elke reboot weer opnieuw ontdaan van Flash, alle andere wijzigingen en voorzien van ‘Weet u zeker dat u dit wilt doen’-meldingen), tijdschriften, boeken (als mijn kamergenoten niet te veel met elkaar praten) en TV (Wist u dat Tel Sell een dierenstofzuiger in de aanbieding heeft? Dat zou onze poes nooit pikken). Oh ja, en natuurlijk regelmatig een aanval van benauwdheid en pijn in de arm en schouders. Want daarvoor ben ik hier.

Ondertussen heb ik een nucleair onderzoek gehad waar de oorzaak uit zou moeten komen. De arts die het afnam kon niks zien. Wellicht hebben de cardiologen meer succes. Tot die tijd denk ik morgenochtend weer aan Sonny & Cher.

Under pressure

“Je kunt kiezen, de Eerste Hulp van het Diakonessenhuis, of de Eerste Hulp van het Mesos Oudenrijn.”
De huisarts keek me vragend aan. Hij had me net overvallen met de mededeling dat ik een extreem hoge bloeddruk had. 220 over 110 als ik het goed heb, maar de afgelopen dagen heb ik zoveel cijfers gehoord, dat ik het niet meer helder heb. “Doe maar Diak,” zei ik, omdat dat nu eenmaal het betere ziekenhuis van de twee is. Hij schreef een verwijsbrief, en daar stond ik dan, buiten het oude schooltje waar het gezondheidscentrum in gevestigd is. Ik stapte weer op de fiets en reed naar huis om nog even wat eerste levensbehoeften bij elkaar te scharrelen. De poes liet zich niet zien.

Bij de Spoedeisende Hulp van het Diakonessenhuis zijn geen fietsklemmen. Niet gek, want er zullen weinig spoedeisende gevallen op de fiets arriveren. Ik deed dat dus wel. Na de nodige formaliteiten mocht ik op een behandeltafel gaan zitten. Ik dacht even terug aan de afgelopen dagen. Op zaterdagavond kreeg ik op het station van Breukelen opeens een raar gevoel. Een gevoel of mijn keel werd dichtgeknepen. Met daarnaast een gevoel van hoge druk op mijn arm. Eenmaal thuisgekomen wilde ik de huisartsenpost bellen, maar toen het vrij snel afzakte deed ik het toch maar niet. Op zondag had ik alleen maar last van mijn arm, dus dacht ik dat het wel de schuld zou zijn van mijn zware schoudertas. Op maandag waren alle klachten voorbij, maar op dinsdag kwamen ze dubbel zo hard terug. Ik belde de huisarts, kreeg een afspraak voor donderdag, en nu zat ik hier op de Eerste Hulp. Ik had woensdag en donderdag geen klachten meer, en voelde me dus niet ziek. En toch keek iedereen me bezorgd aan.

Vanaf de Eerste Hulp mocht ik zelf naar en van de röntgenafdeling lopen, maar toen ze me overdroegen aan de afdeling cardiologie was het over met de lichaamsbeweging. Ik werd met draden aan allerlei apparatuur gehangen, en als ik ergens naar toe moest, dan ging het per rolstoel. Ik lag aan de hartbewaking. Ik weigerde te geloven dat dit gebeurde, dus ik ging niet in bed liggen, maar op bed. Schoenen aan, spijkerbroek. Klaar om zo weer de deur uit te wandelen.

De omslag kwam toen er een infuus moest worden aangeprikt. De zusters konden geen geschikte aders vinden, en toen ze er eenmaal één hadden bleek het toch de verkeerde. Mijn hartslag daalde van tegen de negentig naar rond de vijftig binnen een paar seconden. Mijn bloeddruk daalde navenant, maar dit was niet de wijze waarop dat zou moeten gebeuren. Ik viel bijna flauw, en moest bijna tien minuten op een naar achteren gekanteld bed bijkomen. Toen wist ik dat het nog wel even zou duren.

Ik bleef twee dagen op de afdeling Cardiologie. De cardioloog had besloten dat mijn hart prima in orde was, dus ik mocht verhuizen naar de afdeling Interne geneeskunde. Mijn eenpersoonskamer werd ingewisseld voor een kamer met nog drie snurkende kamergenoten. Gelukkig had ik een volle iPod en de Nintendo DS van Marrije bij me.

En nu ben ik weer thuis. Nog steeds met af en toe dezelfde klachten: een pijnlijke arm, en het gevoel dat iemand mijn keel dchtknijpt. Nog steeds met een hoge bloeddruk, maar niet zo explosief als afgelopen donderdag. Onder de pillen en met een reeks aan onderzoeken voor de boeg. Ik houd u op de hoogte, indien mogelijk via dit weblog, en anders via Twitter, waar nog veel meer uitspattingen van de afgelopen dagen zijn te vinden.

Writer’s Block

Ik schrijf hier niet veel. Nu zult u daar waarschijnlijk niet om wakker liggen, maar ik vind het toch knap irritant. Poste Restante bestaat nu acht jaar, en in die acht jaar zijn er maar weinig periodes geweest die minder tekst opleverden dan de afgelopen maanden. Dat heeft een reden, ik merk dat ik ook op andere vlakken minder creatief ben dan vroeger. Mijn betaalde baan zuigt veel energie op, en uiteraard krijgt die energie voorrang boven allerlei eigen projectjes.

Daarnaast heb ik ook een soort apathie ontwikkeld. Ik voel wel verontwaardiging over wat er allemaal mis is in de wereld, maar lang niet meer zoveel als vroeger. Meestal ben ik als ik begin met tikken alweer de zin kwijt om mijn bijdrage te leveren aan het publieke debat. Het zal allemaal wel. Ze doen maar, daar in Den Haag/Amsterdam/Hilversum/Utrecht/waar dan ook. Zoveel heb ik nou ook weer niet toe te voegen aan het leger van opiniemakers dat dagelijks het internet onveilig maakt.

Goed, de passie is er dus een beetje uit, en feitelijk heb ik niet veel meer te melden. Waarom stop ik hier dan niet mee? Is het dan geen tijd om Poste Restante niet meer te laten lijden, en er een eind aan te maken? Zo raak ik en passant ook nog eens van mijn schuldgevoel af.

Tsja, zo makkelijk is het nou ook niet. Ik ben nog steeds fan van het fenomeen weblog, en naast het feit dat het voor een internetmeneer als ik leuk is om een achtjarig weblog op zijn cv te hebben, ben ik bang dat ik er ook niet meer zonder kan. Waarschijnlijk is het moment dat ik de stekker uit Poste Restante trek het moment dat er allerlei stukjes in mijn hoofd opborrelen. Het moment dat ik leuke gesprekken mee ga krijgen in de trein of het vliegtuig. Het moment dat ik echt boos word over Dingen Die Er Toe Doen, en daar ook een mooi betoogje over kan brouwen.

Daarom trek ik nu voor twee weken symbolisch de stekker uit dit weblog. Wie weet wat twee weken Lissabon en omgeving voor mijn inspiratie doen. Over twee weken beslis ik of de stekker er weer in gaat.

Dagboek van een voetbalhater

Lief dagboek,

Het is bijna half tien. Het is stil op straat. Ik zit boven op mijn achterkamertje te tikken terwijl Firefox 3 binnenloopt. Uit het uitblijven van gejuich bij de buren leid ik af dat het nog 0-0 is. De afgelopen dagen heb ik het vaak uit moeten leggen. Nee, ik volg het EK niet, en nee, ik kijk  dus niet als Nederland speelt. De blikken die ik vervolgens kreeg toegeworpen varieerden van verbazing tot ‘Landverrader!’. Ik mag het niet negeren, vindt men. En dat is ook moeilijk. Op mijn werk loopt de voetbalpool (waar ik niet aan mee doe), bij Albert Heijn krijg ik Welpies toegestopt, de champignons zitten in oranje bakjes en bijna iedere zijstraat waar ik langskom als ik van het station naar huis fiets hangt vol oranje vlaggetjes. Maar daarom probeer ik steeds fanatieker het hele circus wél te negeren.

Lars voorspelt me dat ik het ooit onder ogen moet zien. Dat ik binnenkort ‘s nachts word bezocht door de geesten van EK Verleden (Vader Abraham met ketenen), EK Heden (ongetwijfeld Jack van Gelder) en EK Toekomst (Gerard Joling in een oranje pak). (Met dank aan Marrije voor twee van de drie beschrijvingen).

De rillingen lopen over mijn rug. Ik zal deze demonen blijven bevechten. Mij zullen ze niet krijgen! Ik weiger een brulshirt aan te trekken of oranje tompoezen te kopen. Aan mijn lijf geen oranje polonaise. De EK Special van DAG zal ik met een grom weigeren. Het zal moeilijk worden, maar ik zal zegevieren! Aan het einde van het toernooi wil ik zo min mogelijk hebben meegekregen van al die voetbalellende. En dan maar hopen dat we er weer voor twee jaar van af zijn.

EK? BAH, HUMBUG!

Goed, waar waren we gebleven…

Terwijl iedereen naar één of ander spelletje op Nederland 1 zit te kijken, trek ik mijn weblog maar eens uit de mottenballen. Even een round-up van de afgelopen weken:

  1. Het jaarlijkse examen zit er weer op. Honderden pagina’s aanmaken met wat de club te zeggen heeft over het afgelopen jaar. Hoera!
  2. Ik vervang momenteel mijn eigen leidinggevende. In plaats van nieuwsberichten schrijf ik nu projectplannen en coördineer ik dingen. Allemaal best leuk en spannend, maar man man man, wat een bult werk is het toch allemaal.
  3. Bulten werk zijn niet goed voor mijn creativiteit. Eens kijken of we daar de komende tijd wat verandering in kunnen aanbrengen.
  4. We zijn in Londen geweest. Gewoon omdat het leuk is om in Londen te zijn. Op de laatste dag kwam ik er achter dat ik nog geen foto’s gemaakt had. Er zijn dus geen bewijzen. Of nou ja, het afschrift van mijn credit card. Maar die zet ik liever niet online.
  5. Ik doe al dagen een poging om alle welpies, brulshirts en EK-snackpakketten te omzeilen. Het lukt me tot op heden aardig. Zelfs de chagrijnige mevrouw van de Kiosk op station Amsterdam Centraal gaf me geen EK-schmink mee bij mijn Cola Light. En dat terwijl er toch zo’n mooie actie was. Fijn, dat maakte de lauwheid van de cola weer een beetje goed.
  6. In ander hype-nieuws: de iPhone komt naar Nederland. Toch mooi, dan weet ik dat ik hem tenminste legaal niet hoef te kopen. Nog niet. Nou ja. Over een jaar misschien. Apple-adept zijn is vermoeiend, maar verder oh zo fijn.

Jacht op een plantje

Het is oorlog. En dat is dan ook meteen één van de redenen waarom het hier zo stil is. We wonen inmiddels al bijna twee jaar in ons huis, maar nu pas gaan we een beetje werk maken van de achtertuin. De tegels zijn inmiddels geleverd en naar achteren gesjouwd, en binnenkort komt iemand ze leggen. Er staat een appelboom ontzettend zijn best te doen, en als de tegels erin liggen gaan we het gras doen. Maar er is één kwelgeest: de paardenstaart, ook wel heermoes genoemd. U kent hem niet? Dit is ‘m:
Paarden-, dan wel kattenstaart

Nu ziet ie er nogal onschuldig uit, maar laat u niet inpakken door dit monster. Hij verspreidt zich op eigen houtje door onze hele tuin, en is nauwelijks te bestrijden. Extra probleem: Hij schijnt te verhinderen dat grassen gaan kiemen. En dat terwijl hij groeit op de plek waar ons grasveldje moet komen. Mijn haat voor dit plantje is nu dan ook groter dan voor wat dan ook. Pagina na pagina heb ik gegoogled. Allemaal geven ze maar één oplossing: Elke dag uittrekken, en dat jaren volhouden. Als ik dat maar braaf doe is er een kans dat het over een paar jaar wat minder is. Maar misschien ook niet, of zoals men in nl.tuin de moed erin houdt:

De plant is ouder dan de dinosauriers en als wij allang zijn uitgestorven bestaat hij nog steeds.

De komende jaren is heermoes in ieder geval mijn grootste vijand. Eén voordeel: van de gerooide planten kunnen we altijd nog thee zetten

Vliegende tijd

Ik weet niet hoe het met u zit, maar de laatste tijd lijkt het wel of de tijd harder vliegt dan ik kan bijhouden. Ik zag vandaag dat het alweer twee weken geleden is dat ik hier iets schreef. Het leken slechts twee dagen. Twee dagen waarin het opeens weer stormachtig druk werd op mijn werk. Twee dagen waarin mijn 91-jarige opa opeens naar het ziekenhuis moest. Het zag er op de eerste dag even slecht voor hem uit, maar inmiddels is hij weer aan de beterende hand. Twee dagen waarin onze woonwijk zo te lezen in brand is gaan staan. Zonder dat wij daar iets van meekregen overigens, en dat terwijl we het rampgebied vanuit ons slaapkamerraam kunnen zien.

Het waren drukke dagen. De komende tijd maar iets rustiger aan doen. Misschien kom ik dan eens aan u toe.

Planeet Poste Restante*

1.
Het IFFR zit er weer op voor dit jaar. Hoogtepunten? Ik vond The King of Ping Pong erg leuk, en End of the Line was ook zeer vermakelijk. Twee fijne dagen gehad.

2.
Ik heb een nieuwe computer. Mijn oude Windowsbak kreeg steeds meer moeite om zelfs maar de kleinste handeling te verrichten, en dus moest er vervanging komen. Sinds de aanschaf van mijn MacBook ben ik helemaal in het Apple-kamp. Een iMac vond ik echter wat overdreven. De computer staat in mijn werkhok, en zal niet elke dag gebruikt worden. En dus werd het een Mac Mini. En tot op heden bevalt het prima. Nu het redactiesysteem van mijn werkgever nog Mac-proof (laten) maken…

3.
De nieuwe computer zorgt wel voor problemen. Mijn scanner (2003 gekocht) is meteen waardeloos geworden. Canon biedt geen support voor OSX en alternatieven zoals VueScan geven ook geen sjoege. En wat moet ik doen met kilo’s aan floppy’s en CD’s vol met Windows-programmatuur? Een floppy met daarop een gestripte versie van WordPerfect, een CD met de nieuwste browsers van 1998, allemaal tijdsbeelden met data erop. Weggooien vind ik toch moeilijk.  Naar de zolder ermee dan maar.

4.
Weer een stukje privacy minder, en ik doe het helemaal zelf. Mijn luistergedrag wordt sinds gisteravond in beeld gebracht door Last.fm.

* Met dank aan Walter ‘On the Road’ Vandenb.

Beuh

Vrijdag had ik een lange dag werken gepland, zaterdag zou ik met E. een dagje er op uit zijn, en vanavond zou ik met Roosmarijn naar het theater gaan.

Maar niets hoor. In plaats daarvan ben ik al sinds donderdagavond aan huis gekluisterd. Net als vele andere Nederlanders geveld door het B-woord. Mijn voedsel bestaat uit wit brood, witte rijst, venkelthee en appelsap en de WC-pot is mijn beste vriend.  Ach ja, laten we het maar van de zonnige kant bekijken. Ik heb een boek uitgelezen, ben al weer wat verder met de vakantieplanning en heb een heel seizoen van A bit of Fry and Laurie afgekeken.

Ik denk dat het morgen wel weer over is, maar dat dacht ik gisteren ook. En eergisteren. Dan maar het beste er van hopen…

Over Poste Restante

Dit is het persoonlijke weblog van Martijn van Es, internetdinges bij Amnesty International en mens in Utrecht.

Twitter

Archieven