Poste Restante

Icon

Kleine moeite, groot plezier

Hee kijk, de toekomst

Al maanden zit er een venijnig stukje in mijn hoofd. Dat komt doordat ik onlangs een filmpje terugvond van Ben. Daarin wordt voorspeld dat we in de nabije toekomst zouden kunnen gaan betalen met onze mobiele telefoon. Het filmpje is al een jaar of vijf-zes oud. Ik wilde gaan schrijven dat die nabije toekomst wel erg lang duurt, en dat ik me niet kan voorstellen dat ik binnenkort gewoon kan afrekenen met mijn mobiele telefoon.

Tot vandaag. In Rotterdam heb ik mijn blikje drinken afgerekend door te bellen met een 0900-nummer. Ik voelde me welkom in de toekomst. Eindelijk.
Dial-a-Coke

Een zeker gevoel van triestheid bij V&D

V&D VredesaanbiedingenOp weg naar een bierafspraak met Lars, bedacht ik mij dat ik niets te lezen bij me had. Ik was immers bijna een uur te vroeg. De dichtstbijzijnde winkel met kans op enig inhoudelijk leesvoer was Vroom & Dreesmann, ofwel V&D.
Bij binnenkomst werd ik eigenlijk al gewaarschuwd dat van enige inhoud weinig sprake kon zijn. Een groot rek met afgeprijsde DVD’s trok mijn aandacht. Op de hoezen stond prominent een waarschuwing/promotiezin: ‘Woensdagavondfilms van RTL4′. In het rek ernaast allerlei stemmig gefotografeerde filmsterren. Op de schijfjes uiteraard twee films uit de tijd dat ze nog niet beroemd waren. Nou ja, voor DVD’s was ik hier niet gekomen. Dus spoedde ik mijzelf naar de tweede etage. Daar waren de boeken en tijdschriften te vinden.

‘Waren’ is misschien wel de juiste omschrijving, want het assortiment was niet echt florissant te noemen. Wel bizar. Waar anders vind je het verzamelde werk van Louis Couperus op koud een meter afstand van de autobiografie van Kelly? Ook de reisafdeling had bijzondere keuzes gemaakt. Niets over Ierland, wel twaalf (12!) identieke exemplaren van de Trotter Zuid-Bretagne. Zelfs de ramsj-afdeling had me weinig te bieden, al kwam ik wel de verzamelde brandbrieven van Luuk Koelman tegen.

In het krantenrek was het ook armoe troef. Een Telegraaf, een AD/Utrechts Nieuwsblad, een Volkskrant. Daar kon ik het mee doen. Buitenlandse kranten heeft V&D niet meer in het assortiment. In de tijdschriftenrekken vond ik onder meer een oude HP/De Tijd en het links-conservatieve Opinio, beiden niet echt mijn favoriete leesvoer. Met dat lezen kwam het vandaag als het aan V&D lag niet meer goed. Ik besloot nog even over de kale vlakte te wandelen die V&D ElectricCity noemt: de elektronica-afdeling. Ik slenterde langs halflege vitrines met digitale camera’s. Een man liet zich door een jongen in slechtzittende bedrijfskleding uitleggen waarom camera X beter was dan camera Y. “Nou, deze heeft ten eerste veel meer megapixel, en ten tweede veel meer digitale zoom.” Opeens maakte een zeker gevoel van triestheid zich van mij meester, en ik ging snel naar de uitgang. In het café schreef ik dit stukje.

Appie en de foto’s

Wijze les: laat nooit je via internet bestelde foto’s afleveren bij een Albert Heijn zonder servicebalie, daar komt geheid ellende van. Onze AH, die tijdens het wachten op de nieuwbouw bivakkeert in drie barakken, heeft geen servicebalie en helaas voor het personeel wél fotoservice. Hoewel het personeel normaal gesproken erg vriendelijk is, bracht mijn foto-ophaalbriefje in de ogen van het kassameisje een onverwachte gloed van haat en paniek teweeg.
“Appie!” Ze riep een collega die vast al eens gepest was met zijn toepasselijke naam. Het bleek geen Albert maar een Abdel. “Foto’s!” riep het kassameisje uit. Appie griste het ophaalbewijs uit haar handen en liep zuchtend naar het kastje van de fotoservice. Hij rommelde wat in een krat en wees en passant nog even een mevrouw de juiste weg naar de blikgroenten. Hij begon te bladeren door de fotomapjes in de krat.
“Appie!” Kassa 2 had ook een fotoklant. Zuchtend liep Appie naar kassa 2, de fotomapjes klapten weer tegen elkaar aan. Met het nieuwe afhaalbewijs ging hij voortvarend aan de slag. Hij bladerde opnieuw door de mapjes. Ondertussen waren al mijn boodschappen gescand en was het wachten alleen nog maar op de foto’s. Ook bij kassa 2 hing alles af van Appie. De rijen bij beide kassa’s vulden de kleine supermarkt. Priemende blikken werden gericht op mij, de andere fotoklant en last but not least, ook op Appie.
“Ja!” Appie had de foto’s van kassa 2 gevonden. Hij liep meteen naar de kassa om ze te brengen, de fotomapjes opnieuw in chaos achterlatend. De priemende blikken van de klanten in de rij van kassa 2 verdwenen. Achter mij bereikten deze blikken echter een hoogtepunt. Dit keer had Appie echter onthouden waar hij was gebleven. Al vrij snel kwam hij ook met mijn foto’s aanzetten. Ik bekeek ze vluchtig en deed ze in mijn tas. “Zijn ze goed?” vroeg het kassameisje met een zoetzure glimlach. “Prima.” Ik zou niet anders durven zeggen…

Zeg eens kaak

Vandaag was D-day voor gebitselement 15, zoals mijn getroffen kies inmiddels bekend is bij de deskundigen. Dat betekende dat ik vanmorgen al vroeg in de bus naar Nieuwegein zat. Nieuwegein is een mooie plek voor een marteling. Elke schreeuw die je tussen de grijsbruine betonkolossen slaakt, kan waarschijnlijk slechts rekenen op een bevestigend knikje van de omstanders, zij zijn hier tenslotte ook niet voor hun lol.

Alle gekheid op een stokje, het St. Antonius ziekenhuis is prima, en de kaakchirurg van dienst ook. Dus was ik tot vanochtend niet echt zenuwachtig voor de ingreep. Maar vanochtend had ik toch een naar voorgevoel. Met lood in mijn schoenen liep ik door een nog leeg winkelcentrum City Plaza naar het ziekenhuis. Nieuw ponsplaatje laten maken, en hop de wachtkamer van poli 10 in. Ik was vroeg, dus ik ik werd ook vroeg geholpen. De assistente maakte een nieuwe foto, en ik mocht naar de spreekkamer. De kaakchirurg keek naar de foto en meldde dat het een klein klusje was. Sneetje maken, wortelpunten schoonmaken, klaar. Ik kreeg een paar prikken en moest wachten tot de verdoving zou gaan werken.

De TL-buizen van het Antonius zijn van Philips. De tissues zijn van Tork en er zijn blijkbaar twee soorten desinfecterende zeep. Het duurde even voor weer verder mocht, en dan registreer je dat soort dingen. En The Corrs, en James Blunt, en Bryan Adams’ Everything I Do. Het Antonius heeft blijkbaar Sky Radio als wachtverzachter. Het werkte bij mij averechts. Uiteindelijk mocht ik dan toch verder naar de operatiekamer. Ik kreeg een doek over me heen (alleen neus en mond bleven vrij) en instrumenten op mijn buik. De dokter begon met het kleine klusje.

Na enkele minuten zei de dokter opeens “Nou, nou, nou”. Ik hou er niet van als mensen “nou, nou, nou” zeggen. Zeker niet als die mensen kaakchirurg zijn en in míjn mond werken. “Dat ziet er niet best uit.” Ah, nog zo’n zin die ik niet echt kon waarderen. Hij gaf uitleg. Na opensnijden bleek dat de ontsteking zo ernstig was geweest dat mijn kaakbot zich alvast was gaan terugtrekken. De kies zat daardoor alleen nog vast in het tandvlees. “Ik stel voor om de kies te verwijderen, zodat ik de ontsteking kan weghalen.” Ik stel voor? Had ik keus dan? Ik gromde een soort van bevestiging. De kies was er vrij snel uit. De dokter ging verder met het weghalen van de ontsteking. “Dit is heel ernstig.” Huh, wat? De kies was toch al weg? Wat kon er nu toch weer zijn? De dokter gaf weer uitleg. De ontsteking had ook het bot van de omliggende kiezen aangetast, en had zich tot in de kaakholte vergroot. Het is nog onduidelijk of dat grote consequenties heeft, maar de kaakchirurg was er niet gerust op. Volgende week vrijdag moet ik terugkomen voor foto’s en de resultaten van een kweekje. De boel ging weer dicht en ik mocht naar huis.

Na twintig minuten wachten stapte ik alsnog in de verkeerde bus, maar daar kwam ik pas achter op Utrecht Centraal. Ik keek naar de plastic tas die ik net bij de supermarkt gedachteloos had meegenomen. ‘Ik ben gematst’ stond erop. Het voelt niet zo.

Kies

Al dagen loop ik rond met een hemeltergende kiespijn. Dus vandaag rap naar de tandarts, een nieuwe zowaar, want mijn oude ruziede meer met zijn assistente dan dat hij mij te woord stond. De nieuwe tandarts heeft een laserboor, las ik op internet, dus ik was vol vertrouwen dat het allemaal goed zou komen.

Twintig minuten later stond ik weer buiten. Zij kon er niets aan doen, onder één mijner kiezen zit een ontsteking. Maar omdat deze kies ooit al eens een wortelkanaalbehandeling en een kroonplaatsing heeft ondergaan zit er niets anders op dan de kaakchirurg met een bezoek te vereren. Die kan de boel dan fijn van onderen opensnijden en de ontsteking verwijderen. Tot die tijd leef ik van de ene Brufen-dosis naar de andere. Mocht u mij tegenkomen en ik herken u niet, dan kan dat aan twee dingen liggen: ik ben u vergeten of ik ben zwaar onder invloed…

Notities op donderdagavond

  • Ik heb geen storm nodig om mezelf te bezeren. Ondanks de waarschuwingen van de Brandweer trok ik vanmiddag toch de Amsterdamse straten in. God straft onmiddelijk. Op de tramrails van de Raadhuisstraat ging ik gruwelijk onderuit. Nu is mijn hand blauw. En nee, ik woei niet om.
  • Maar wat deed ik ook op mijn vrije donderdag in Amsterdam? Nou simpel, de wereld moest verbeterd worden.
  • Informatie waar u niets aan heeft, maar die ongetwijfeld in uw hoofd rond gaat spoken: de ingeblikte mevrouw die op het station de vertragingen late binnenkomst van treinen omroept heet Tuffie, doet ook aan healing en is de dochter van Tineke de Nooij.
  • YouTube is fijn voor die dingen die je anders nooit zou terugzien, of in ieder geval niet meer met de juiste stemmen. Omelette du fromage!
  • Nog meer YouTube: Scott Matthews’ Elusive klinkt best goed. Gevonden via Roosmarijn. Amy Winehouse klinkt trouwens ook best goed, die staat al een poosje bijna non-stop in de repeat-stand.
  • Als dit allemaal mogelijk is… Picnik is een zeer aardige online foto-editor die samenwerkt met je Flickr-account. (via)
  • Als dit allemaal mogelijk is… (2) Hoe doen ze dat toch? Het zal ongetwijfeld al twintig keer beter op veel goedkopere en eerder verkrijgbare telefoons zitten, maar toch wil ik er ooit zoeen. En een Wii (bijzonder voor een non-gamer), maar die is ook nog nergens te koop.
  • Een welgemeend vaarwel richting Blekkie. De poes met de meest aerodynamische staart ooit gebouwd.

Overlastjongere/ouwe lul*

In de intercitytrein naar Amsterdam siste de man voor mij me toe of mijn iPod wat zachter kon. Hoewel het ding niet hard stond, voldeed ik aan zijn verzoek. Hij keek me aan alsof ik nodig een opvoeding kon gebruiken. Even later werd de uitgang van de tram versperd door een groep scholieren, die geen van allen het huiswerk voor Duits gemaakt hadden. “Zouden jullie opzij kunnen gaan?” vroeg ik enigszins bars. De kinderen keken me allemaal aan alsof ik ze met een luchtbuks van mijn erf had gejaagd. Ik wist me nog net op tijd de Westermarkt op te worstelen. Ergens tussen Utrecht en mijn werk was ik van kwajongen tot boze buurman verworden…

*doorhalen wat niet van toepassing is

Avonturen in het tweede leven

Ik liep niet voorop bij het betreden van het internet, pas eind 1995 was ik voor het eerst online. Pas anderhalf jaar later zou ik verslaafd raken. Sneller was ik erbij wat weblogs betreft. Al waren er natuurlijk mensen veel eerder, toch was ik redelijk op tijd: augustus 2000. Flickr? Pas vlak voor de overname door Yahoo maakte ik een account aan, nog net op tijd om mezelf hip te vinden. Bij Hyves ging het weer mis. Mijn anders zo digifobe vriendin was er eerder aan begonnen dan ik. Ik wees koppig elke uitnodiging van de hand. Puh! Ik had Orkut gezien, en dat wordt inmiddels alleen nog maar door geile Brazilianen gebruikt voor spam. Toch ging ik overstag. Inmiddels heb ik een aantal vrienden, maar echt storm loopt het niet. Niet dat ik dat erg vind hoor, mijn scepsis is nog steeds niet helemaal overwonnen.

En nu dan Second Life. Opnieuw ben ik geen early adopter. En ik was ook echt van plan om er deze keer geen aandacht aan te besteden. Als de AVRO er eerder aan begint dan ik, dan kan het echt niks zijn. En tot overmaat van ramp besloot Sjaak Bral om een oudejaarsconference in Second Life te gaan vertellen. Ik kan veel hebben, maar een virtuele Sjaak Bral….dat moet toch nog erger zijn dan de man in het echt. Brrrr…

Maar goed, ik had oude weblogkennis Daniëlle laatst zien zitten bij De Wereld Draait Door om te vertellen over haar Second Life-bedrijf. Als zij het leuk vond… Maar goed, zij houdt ook van breien als ik me niet vergis. Maar Ilja Leonard Pfeijffer, toch een eminent dichter, schrijft ook al een poosje enthousiast over Second Life in de krant. Het keerpunt kwam vanmiddag, toen ik in een e-mail van een enthousiast achter de feiten aanlopende collega de zin tegenkwam dat hij wilde onderzoeken of wij als organisatie iets in Second Life konden gaan doen. En hoewel ik eerder vandaag nog had verteld aan Lars dat ik het echt niet van plan was, begon ik meteen met downloaden. Ik wil zo’n wilde gedachte namelijk wel
onderbouwd de grond in boren.

Dus hop, fluks een account aangemaakt. Ik scroll door de lijst met achternamen. Ik zie Geesink staan. Geesink? Ik zoek naar meer Nederlands-achtige namen, maar vind er geen. Ik kies Geesink, en als voornaam natuurlijk Anton. Die is al bezet (verrassing!), maar ik maak er Utregse spelling van: Aanton. En jawel, als Aanton Geesink, the boy next door, mag ik zo aan mijn tweede leven beginnen.

Ik start het programma, vul gebruikersnaam en wachtwoord in en druk op een knop. Er wordt een wereld geïnitialiseerd, Quicktime wordt gecheckt, en vervolgens wacht het programma op een regio-handdruk. En blijft wachten, tot er uiteindelijk een time-out plaatsvindt. Of ik het later nog eens wil proberen. Ik probeer het later nog eens, krijg hetzelfde resultaat en een uiteindelijk crashend programma als beloning. Ik pruts wat aan de firewall, probeer het opnieuw en krijg hetzelfde resultaat. Ook als ik het uren later nog eens probeer laten ze me niet binnen. Ik geef het op voor vandaag. Mijn tweede leven wil me er blijkbaar niet bij hebben…

Veilig vanachter de kerstboom…

Veilig vanachter de boom...

…wenst Mormel u alle goeds toe voor het komend jaar. En wij ook trouwens.

Over Poste Restante

Dit is het persoonlijke weblog van Martijn van Es, internetdinges bij Amnesty International en mens in Utrecht.

Twitter

Archieven